maandag 30 januari 2012

Recht

     ‘Er was eens een rechter in een stad die geen ontzag had voor God en zich niets aan de mensen gelegen liet liggen. Er woonde ook een weduwe in die stad, die steeds weer naar hem toe ging met het verzoek: “Doe mij recht in het geschil met mijn tegenstander.” Maar lange tijd wilde hij dat niet doen. Ten slotte zei hij bij zichzelf: Ook al heb ik geen ontzag voor God en laat ik mij niets aan de mensen gelegen liggen, toch zal ik die weduwe recht verschaffen omdat ze me last bezorgt. Anders blijft ze eindeloos bij me komen en vliegt ze me nog aan.’ (lucas 18: 2-5)

In het oude Israel werd het recht gewaarborgd door de koning. Dat was althans de bedoeling. Hij zorgde ervoor dat de wetten werden nageleefd: weduwen mochten achtergebleven aren rapen, vreemdelingen moesten gastvrij worden ontvangen en tegen broedertwisten of vijanden verweerde de koning zich uit alle macht. Opvallend is in psaalm 72 het recht van de arme die om hulp roept, de ellendige die geen helper heeft. Telkens wanneer een koning faalde, door te vergeten omwille van wie hij konig was, deed God een staatsgreep en stelde hij een nieuwe koning aan. Want als de mensen niet meer op hun koning kunnen rekenen, op wie dan nog wel?

Chaos en conflicten liggen op de loer voor een volk zonder vertrouwen in degenen die hun recht dienen te verschaffen. Daarom moet een overheid te vertrouwen zijn, een regering zal alles in het werk moeten stellen om betrouwbaar te zijn en te blijven. Stemmingmakende verhalen kunnen zelfs de meest onkreukbare politici tergen. Kritiek is noodzakelijk, maar wel gedegen en onderbouwd. Wie zorgt ervoor dat er recht wordt gedaan in een democratie als de onze? Wij allemaal, ieder op onze eigen plek, door verantwoordelijk te handelen en te doen wat we zeggen. Lucas vertelt een verhaal over een weduwe die niet ophield om bij de rechter haar recht te krijgen. Ze viel hem lastig, net zolang totdat die corrupte vertegenwoordiger van het recht inbond en haar zuchtend gaf waar zij om vroeg. Hij was bang voor haar klappen!

Gezien worden en gehoord, eerlijk behandeld worden en kunnen bijdragen aan de samenleving waarvan je deel uitmaakt, zijn elementaire rechten van ieder mens. Daarom vragen, voor onszelf en anderen, met kracht: God geeft het ons te doen!

uit: 'GOD AAN', een vrijzinnig dagboek (Meinema)

0 reacties:

Een reactie plaatsen