Dunne draad van licht en leven,
Geest van God die ons geleidt,
voer door eeuwen en door dagen
ons naar heelheid, die de aarde
van gebrokenheid bevrijdt.
(tekst: M. Koijck - de Bruijne)
Laatst hoorde ik een dominee vertellen dat er in de boeddhistische traditie twee scholen bestaan die vertellen over de omgang met Boeddha. De ene school heet de school van de aap. Zoals een aap zich vastklampt aan de moeder, zo moet de mens zich vastklampen aan Boeddha. Het geloof is dan een keuze van de mens. De andere school heet de school van de kat. Zoals een kat haar jongen in het nekvel grijpt om het mee te nemen, zo neemt Boeddha de mens mee op zijn weg. Dan kiest de mens niet, er wordt voor die mens gekozen.
De discussie tussen deze twee scholen gaat over de vraag: maak je een eigen keuze voor het geloof, voor God? Of laat je je door God meenemen? Misschien zijn er inderdaad twee typen gelovigen: mensen die voelen dat ze zelf kiezen voor geloven en God, en mensen die voelen dat ze door het geloof of God gedragen worden.
Misschien is het niet zo strikt te scheiden en kent elke mens perioden in het leven waarin die mens voelt dat deze kiezen kan en perioden waarin deze zich gedragen voelt. dat doet me denken aan een gedicht waarin een mens op het strand voetstappen achter laat. Je ziet dubbele voetstappen, meestal, maar er zijn gedeeltes waar je maar een enkel paar voetstappen ziet. De uitleg is dat God met de mens meewandelt op diens levensweg, maar dat in perioden waarin de mens het zwaar heeft, God die mens optilt en draagt, tot deze weer zelf mee kan lopen.
Voor mensen uit de school van de aap kan het zijn dat in zware perioden God 'afwezig' is. Misschien kan je dan later opnieuw kiezen om je als een aap vast te klampen aan een 'Boeddha'.
(uitgelicht uit een artikel in 'GOD AAN', een vrijzinnig dagboek (Meinema)
0 reacties:
Een reactie plaatsen